Aanvullend arbeidsdeskundig onderzoek (spoor 1 en 2)

Is de belastbaarheid van uw medewerker sinds het eerdere arbeidsdeskundig onderzoek aanzienlijk veranderd? Of heeft het UWV een deskundigenoordeel afgegeven dat om heroverweging vraagt? Dan biedt een aanvullend arbeidsdeskundig onderzoek uitkomst.

Op basis van het meest recente belastbaarheidsprofiel beoordeelt de arbeidsdeskundige opnieuw de mogelijkheden voor passend werk binnen uw organisatie (spoor 1) of daarbuiten (spoor 2). Zo krijgt u helder inzicht in de actuele situatie en advies op maat.

Wanneer en waarom wordt een aanvullend onderzoek ingezet?

Een aanvullend onderzoek wordt ingezet wanneer:

  • De belastbaarheid van de medewerker significant is gewijzigd.
  • Het UWV een deskundigenoordeel heeft gegeven dat vraagt om heroverweging.
  • Er behoefte is aan een update van het eerdere advies over terugkeer naar passend werk.

Tijdens het onderzoek wordt de nieuwe belastbaarheid opnieuw afgewogen tegen de werkbelasting. Eerdere conclusies worden kritisch herzien om te zorgen voor een actueel en betrouwbaar advies. De arbeidsdeskundige beantwoordt opnieuw vragen als:

  • Is terugkeer in eigen werk mogelijk?
  • Kan het werk van de medewerker worden aangepast?
  • Kan de medewerker re-integreren in ander werk bij de eigen werkgever?
  • Zijn er mogelijkheden om de medewerker naar passend werk bij een andere werkgever te begeleiden?

Deze analyse resulteert in een aanvullende rapportage met herziene adviezen en conclusies.

Hoe verloopt een aanvullend onderzoek?

Als Puls het eerdere onderzoek heeft uitgevoerd:

  • Telefonisch of online gesprek met zowel de werkgever als medewerker
  • Dit gesprek en bevindingen uit eerder arbeidsdeskundig worden verwerkt in een conceptrapport
  • Conceptrapport wordt voor commentaar voorgelegd aan de werkgever en medewerker en eventuele opmerkingen worden verwerkt
  • Definitieve rapportage wordt opgesteld en gedeeld met de werkgever en medewerker.

De definitieve rapportage vormt de basis voor het verdere re-integratietraject.

Als Puls het eerdere onderzoek níet heeft uitgevoerd:

Dan doorlopen we eerst het volledige arbeidsdeskundig onderzoeksproces:

  • Gesprek met de werkgever inclusief werkplekbezoek (ca. 60 minuten)
  • Gesprek met de medewerker (ca. 60 minuten)

Optioneel gezamenlijk gesprek
Daarna volgt het reguliere traject van een aanvullend onderzoek:

  • Telefonisch of online gesprek met zowel de werkgever als medewerker
  • Dit gesprek en bevindingen uit eerder arbeidsdeskundig worden verwerkt in een conceptrapport
  • Conceptrapport wordt voor commentaar voorgelegd aan de werkgever en medewerker en eventuele opmerkingen worden verwerkt
  • Definitieve rapportage wordt opgesteld en gedeeld met de werkgever en medewerker.

De definitieve rapportage vormt de basis voor het verdere re-integratietraject.

Wat levert een aanvullend arbeidsdeskundig onderzoek (spoor 1 en 2) op?

Het aanvullend arbeidsdeskundig onderzoek geeft helderheid over de re-integratiemogelijkheden van een langdurig zieke medewerker, zowel binnen de huidige organisatie (spoor 1) als daarbuiten (spoor 2). Het onderzoek levert onderbouwde inzichten op over wat de medewerker nog wél kan, welke aanpassingen eventueel nodig zijn en of er passend werk beschikbaar is. Daarnaast helpt het werkgevers om tijdig en zorgvuldig te handelen in lijn met de Wet verbetering Poortwachter. Zo voorkomt u onnodige vertraging in het re-integratieproces én verkleint u de kans op loonsancties van het UWV.

Neem contact op

Wilt u meer informatie ontvangen? Neem dan contact met ons op of vraag vrijblijvend een offerte aan.